Terug naar races

Succesvolle start wereldbekerseizoen voor oranje

gepubliceerd op 30 oktober 2018

Met goud op de openingsdag en op de slotdag deed de Nederlandse baanploeg goed mee voor de prijzen in Saint Quentin en Yvelines, waar de eerste wereldbeker van het baanseizoen op het programma stond. De teamsprinters bij de mannen wisten als wereldkampioen hun favorietenrol waar te maken door naar de zege te rijden in Frankrijk. Op de laatste dag scoorde de ploeg van duurcoach Peter Schep en waarnemend baancoach Hugo Haak bijzonder sterk met winst op de keirin voor Laurine van Riessen, goud op het omnium voor Kirsten Wild en podiumplaatsen voor Harrie Lavreysen (zilver) en Jeffrey Hoogland (brons) in het individuele sprinttoernooi.

Tevreden gezichten dus bij sporters en coaches. Waarnemend sprintcoach Hugo Haak zag vooral positieve zaken."De eerste dag was er wel één van contrasten. Want waar de mannen met name in hun laatste twee optredens imponeerden en Sam Ligtlee zich een sterke aanvulling van de ploeg toonde, verliep de wedstrijd voor de vrouwen minder. Laurine van Riessen kwam bij de eerste start ten val en mocht overnieuw vertrekken. Maar de tweede keer moest voorzichtiger - om niet direct uit het toernooi te liggen - en dat was ook in de tijd zichtbaar. Daar zit zeker meer in bij komende toernooien. Maar zowel Laurine als Hetty van de Wouw revancheerden zich sterk met persoonlijke records in de sprintkwalificatie en het goud van Laurine op de keirin. Je ziet dat de in Japan opgedane ervaringen op dit onderdeel hun vruchten afwerpen. De mannen deden het in de sprint ook bijzonder goed. Ze verpulverden het nationale record in de kwalificatie, die staat nu op naam van Harrie Lavreysen (9,492). In het toernooi kwamen ze vervolgens beiden de Australische Matthew Glaetzer tegen, die hen telkens in drie manches versloeg. Ik denk dat er voor Harrie ook winst had ingezeten, maar die leerervaringen neemt hij weer mee naar Milton, waar komend weekeinde alweer de volgende manche wordt verreden."

Kirsten Wild vaandeldrager

In de duurploeg was het Kirsten Wild die het meest voortvarend begon aan het wereldbekerseizoen op de piste. De Overijsselse won het omnium, één van de drie onderdelen waarop ze wereldkampioene is. In de regenboogtrui startte Wild in de afsluitende puntenkoers al in de leidende positie en die plek hield ze vast.

"Het is bij de start van een nieuw seizoen best altijd spannend om te zien hoe je ervoor staat. Ik wist wel dat ik niet in mijn besten doen was, niet zo goed als op het WK in Apeldoorn bijvoorbeeld, ik heb ook net een rustperiode achter de rug. Maar ik bleek goed genoeg om te winnen. Als je al wat langer mee loopt, ken je ook wat meer trucjes om - ook met een iets mindere vorm - je punten mee te pakken. Het is fijn om zo het seizoen te starten. De madison was eerder dit weekend net even wat minder. Samen met Nina Kessler kwamen we soms net even niet goed uit, klopte het allemaal net niet goed genoeg om echt voor de prijzen mee te doen. De top is op dit onderdeel tegenwoordig te breed om met een paar foutjes nog hoog te eindigen. We hadden gehoopt op top zes, maar het werd net iets minder met een negende plaats. Die prestatie moet ik maar snel vergeten, maar met deze overwinning op het omnium ben ik heel blij. Zo sluit ik toch tevreden af." Wild slaat met de rest van de duurploeg de volgende wereldbeker in Milton (Canada) over en is half december in Londen weer present in deze reeks.

Bondscoach Peter Schep zag op de duuronderdelen vooral het omnium als een succes. En niet alleen vanwege de winst van Wild. Bij de mannen greep Jan Willem van Schip met een vierde stek maar net naast het erepodium. "De beide omniums waren heel goed. De koppositie van Kirsten Wild is niet in gevaar geweest, Jan Willem van Schip heeft alles gegeven, maar dat was net niet voldoende voor het podium. In de laatste ronden was zijn tankje leeg. Maar beiden haalden een heel goed niveau. Op het onderdeel madison hoopte ik bij zowel de mannen (Stroetinga-Van Schip) als de vrouwen (Wild-Kessler) op een plek bij de eerste zes. Maar dat werden negende (vrouwen) en tiende plaatsen (mannen). Dat had dus net een fractie beter gemoeten."

Foto's: Sportfoto.nl